Collectiecatalogus Museum van Bommel van Dam 2014

George Meertens (Stein, 1957) 12 01 2014

 

 

 

Overvloed, 2013, olieverf op doek, 80x90 cm

 

In de kunstcollectie van de gemeente Venlo bevinden zich twee olieverfwerken van de van oorsprong Limburgse kunstenaar George Meertens : Overvloed (2013) en Werken in het verborgene (2013). Tot veel genoegen van het team schenkt de Stichting Vrienden van het Museum van Bommel van Dam in 2014 het magnifiek geschilderde, monumentale doek Werken in het verborgene aan het stedelijk museum van Venlo. In hogere, kunsthistorische zin is dit non-figuratieve werk van George Meertens verbonden met de sterk geabstraheerde, soms volledig abstracte schilderkunst van René Korten en Koen Delaere. Arbeid, discipline, energie, reflectie en structuur staan met goud geschreven in het leven van de origineel denkende en onafhankelijk opererende kunstenaar. George Meertens ziet zijn atelier als het centrale punt in het leven.

 

Meertens schildert in principe iedere dag. Vooral om contact te houden met wat hij aan het doen is of om nieuwe ideeĎn te ontwikkelen. Soms schildert hij, als hij in een ‘flow’ is, een eerste laag op meerdere doeken tegelijk. Na verloop van tijd beslist op welke doeken hij wel en op welke hij niet doorgaat. Kleine doeken, van 80 x 90 centimeter, noemt hij handzame formaten. Proefondervindelijk klein genoeg om echt handzaam te zijn en fysiek groot genoeg om niet te eng te zijn. Een eerste laag zetten, kost slechts vijf minuten werk. Daar Meertens altijd met olieverf werkt, moet hij vaak wachten totdat het materiaal droog is. Nat in nat kan helaas niet, want dan wordt het een onbepaalde brij of irritante soep.

 

Het gedwongen stoppen en wachten staat haaks op zijn gedrevenheid, ongeduld en onrust. Schilderen dwingt de kunstenaar in algemene zin om bij zichzelf te rade te gaan: kunnen het impulsieve alsook het intuētieve goed worden ‘bewaard en verzorgd’ tijdens het noodzakelijke wachten? Kan het wachten worden omgezet in een positieve grondhouding? Is gedwongen wachten juist niet persoonlijke winst? Door het contemplatieve en reflectieve te zoeken blijft de schilder geestelijk bij het werk in wording. Het komt voor dat George Meertens uren in het atelier zit en er gewoon in het ‘nu’ is. Zonder direct een ‘echte’ bezigheid te hebben. Hij kan, als hij dat wil, de tijd ‘doden’ door de vloer van het atelier aan te vegen of werken bewust met het ‘beeld naar de muur’ te zetten. Schilderijen maken lukt vooral als de geest niet wordt dood gewerkt.

 

De discipline om te wachten is, in combinatie met structuur om wel te werken, maatgevend voor George Meertens, die helemaal niets met het artificiĎle begrip inspiratie heeft. Vanuit zijn wortels opteert hij namelijk automatisch voor arbeid. Er moet in het atelier of thuis in principe altijd worden gewerkt. Iets wat geen arbeid heeft gekost, kan feitelijk niets zijn. Het is juist in de daad dat verleden en toekomst worden verbonden. Letterlijk en figuurlijk labeur investeren in een werk is hét adagium. Alle uiteindelijk op elkaar geplaatste lagen, verticaal en horizontaal, werken mee aan een diepbeleefd mystiek en energetisch gevoel. Dat kan fysieke energie zijn, maar evenzeer geestelijke energie of juist ontvankelijke energie.

 

Het doek Overvloed, waarin een speciaal groen de grondkleur is, komt oorspronkelijk uit een serie van talloze werken van exact dezelfde grootte. De werktitel is dan Anonymous. Het werk Overvloed gaat als enige een eigen weg. Alle andere werken zijn resoluut overgeschilderd. Het handzame formaat, van 80 x 90 centimeter, is bij Meertens bepalend voor de ‘diepte’ van het schilderij. Daarenboven speelt de ‘reikwijdte’ een sleutelrol. Het lichaam van de schilder moet bij het tot stand komen van een doek altijd wennen. Die fysieke ontdekkingstocht is echt basaal. Zonder dat specifieke proces kan de schilder namelijk geen vrede met het resultaat hebben.  Het groenblauw in Overvloed is een menging van wit, ultramarijn en kobalt. Groen is een kleur die regelmatig terugkomt, vaak door meerdere kleuren te mengen. Met wit erbij ontstaat een grijzig groen, een soort longkleur. Op subtiele wijze zoekt Meertens naar verschuivingen van licht naar donker, van grijs naar groen. Van groen naar rozig naar rood. Zo ontstaan er sensibele verbindingen tussen lichaam en geest. 

Het begrip overvloed vindt de maker erg passend bij het schilderij. De titel is als het ware het sluitstuk van het werk, de laatste steen die het picturale bouwwerk compleet maakt. De titel staat ook voor het maatschappelijke. Mensen leven nu in een rijke tijd. Dat is goed zichtbaar aan de buitenkant. Naast apathie en leegte is er tegelijkertijd een innerlijke overvloed. Mensen hebben een voortdurende stroom aan gedachten of een bijna niet te stelpen vloed aan energie of zaken die per se nog moeten gebeuren. In Overvloed komen die binnen- en buitenwerelden werelden bij elkaar.

 

George Meertens heeft altijd behoefte aan een woord bij een beeld.  Al maakt hij als schilder gebruik van repetitieve, fundamentele handelingen, van nature is hij puur romanticus. Een fundamenteel universum is in zijn optiek kil en doods. In een kunstwerk moet altijd adem zitten. Dat is ook wat hij ervaart en voelt als hij schildert: hij ademt, bestaat, voelt zijn pijn en onrust, zijn verbondenheid en ook liefde. En dat alles beweegt, ligt niet vast en ontwikkelt zich tijdens het maken van zijn werk.

 

George Meertens werkt nooit met symboliek of voorstelling. Het schilderij zelf is het symbool. Binnen het ‘ding in wording’ heeft hij ultieme vrijheid. Om die vrijheid te kunnen beheersen, legt hij zichzelf regels op. Zo werkt hij tijdens het schilderen met constante waarden: van omhoog naar omlaag en van links naar rechts. In wezen zijn die waarden goed te vergelijken met het uit het Christendom bekende kruisteken: verticale alsook horizontale verbinding. Van het cerebrale naar het seksuele en van het bewuste naar het onbewuste.

In het monumentale doek Werken in het verborgene, waarin George Meertens op magnifieke wijze subtiel blauw tussen ‘zijn en schijn’ projecteert, spelen vooral imaginaire aspecten een sleutelrol. De ragfijne uitbeelding is een buitengewoon krachtig ruimtelijk voor-beeld. Het is alsof het beeld, als vorm, nog in wording is. Het immateriĎle transformeert beloftevol in iets anders. Het grote onbepaalde werk, dat in wezen een sublieme schilderkunstige openbaring van schepping is, is bewust lijstloos. Beknelling is in dit ‘universum under construction’ echt uitgesloten. De picturale ‘werelden’ die  George Meertens maakt zijn namelijk letterlijk en figuurlijk onmetelijk. Grenzeloos.  

 

Rick Vercauteren

Directeur Museum van Bommel van Dam Venlo